GDPR en accountancy in de praktijk: software, mailverkeer en klantdata onder controle

De digitalisering heeft het accountantsberoep fundamenteel veran­derd. Waar het dossier vroeger in een kast zat, circuleert het vandaag tussen boekhoud- en aangiftesoftware, een documentmanage­mentsysteem, cloudopslag, e-signing, klantportalen én – nog altijd – e-mail. Dat is efficiënt, maar het maakt het beroep ook kwetsbaar: één verkeerd geadresseerde mail, één te ruim ingestelde toegangs­rechtengroep of een derde die ‘mee’ in je data kan kijken, kan al snel leiden tot een vertrouwelijkheidsincident en mogelijk een persoons­gegevensinbreuk.

De GDPR/AVG is precies bedoeld om dat risico te beheersen. Niet door de werking van kantoren te verlammen, maar door een juridisch kader op te leggen dat persoonsgegevens beschermt via principes, rollen, contractuele verplichtingen en passende beveiligingsmaatregelen. In dit artikel staan we eerst kort stil bij wat de GDPR inhoudt en wat de kernprincipes zijn, om die vervolgens toe te passen op de concrete vraag: hoe gaat u als accountant om met software, mailverkeer en de data van uw klant?

Wat houdt de GDPR in?

De GDPR (Algemene Verordening Gegevens-bescherming/AVG) is een Europese verorde­ning die sinds 25 mei 2018 van toepassing is en de basisregels vastlegt voor de verwerking en bescherming van persoonsgegevens van natuurlijke personen. Ze legt verplichtingen op aan organisaties die met persoonsgegevens werken en geeft betrokkenen afdwingbare rechten. Ook voor accountants is de GDPR dus geen louter ‘IT-thema’, maar een juridisch kader dat rechtstreeks doorwerkt in de manier waarop u dossiers opbouwt, documenten uitwisselt, software inzet en vertrouwelijkheid bewaakt.

Het toepassingsgebied is ruim: de GDPR geldt voor de geheel of gedeeltelijk geautomati­seerde verwerking van persoonsgegevens én voor persoonsgegevens die in een bestand zijn opgenomen of bestemd zijn om daarin te worden opgenomen. Concreet: niet alleen uw boekhoudpakket, maar ook uw mailboxarchief, klantenportaal, DMS en cloudmappen vallen onder de GDPR zodra er persoonsgegevens in zitten.

Ook het begrip ‘verwerking’ is breed. Het omvat onder meer verzamelen, opslaan, raad­plegen, gebruiken, doorzenden, combineren en wissen. In de accountantspraktijk betekent dit dat bijna elke handeling met klantdossiers – inclusief het doorsturen van een bijlage of het archiveren van een mail – juridisch een verwerking is.

Kernprincipes van de GDPR

De GDPR vertrekt van een aantal fundamen­tele beginselen die als toetssteen gelden voor elke verwerking van persoonsgegevens. Voor de dagelijkse praktijk in een accountantskantoor zijn vooral de volgende beginselen richtinggevend:

1. Rechtmatigheid, behoorlijkheid en trans­parantie: Persoonsgegevens moeten rechtmatig, behoorlijk en transparant worden verwerkt. Dit vertaalt zich in duidelijke afspra­ken met de klant (bv. opdrachtbrief, privacy-informatie) en een verdedigbare grondslag voor wat u doet.

2. Doelbinding: Gegevens moeten verza­meld worden voor welbepaalde, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigde doeleinden en niet verder worden verwerkt op een onver­enigbare manier. Praktisch: wat u ontvangt ‘voor de opdracht’, gebruikt u niet zomaar voor andere doeleinden.

3. Minimale gegevensverwerking: Persoons-gegevens moeten toereikend zijn, ter zake die­nend en beperkt tot wat noodzakelijk is voor de doeleinden waarvoor zij worden verwerkt. Het principe is bijzonder relevant voor mail-verkeer en het verspreiden van documenten: minder data delen en minder kopieën aanma­ken is vaak de meest effectieve compliance-én beveiligingsmaatregel.

4. Opslagbeperking: Bewaar persoonsgegevens niet langer dan noodzakelijk. Een mailbox als eeuwige archiefkast is moeilijk te rijmen met dit principe.

5. Juistheid: Persoonsgegevens moeten correct en up-to-date zijn. Als gegevens onjuist blijken, moet u redelijke maatregelen nemen om ze zonder uitstel te verbeteren of te verwij­deren.

6. Integriteit en vertrouwelijkheid: Persoonsgegevens moeten op passende wijze worden beveiligd tegen ongeoorloofde of onrechtmatige verwerking en tegen onopzet­telijk verlies, vernietiging of beschadiging. Dit is de juridische basis voor MFA (multifactorauthenticatie), encryptie, toegangsbeheer, log­ging en incidentprocedures.

7. Verantwoordingsplicht (accountability): De verantwoordingsplicht vormt een rode draad doorheen de GDPR. De verwerkingsverantwoordelijke moet niet alleen de naleving van de GDPR-beginselen verzekeren, maar deze naleving ook kunnen staven en aantonen met passende documentatie, maatregelen en governance.

Toepassing op de accountantspraktijk: software, mailverkeer en klantdata

Wie als accountant met klantdossiers werkt, verwerkt onvermijdelijk persoonsgegevens. De GDPR vertrekt daarbij van een rolverdeling die in de praktijk bepalend is voor uw verplich­tingen. De verwerkingsverantwoordelijke is degene die de doeleinden en de middelen van de verwerking vaststelt, terwijl de verwerker persoonsgegevens verwerkt ten behoeve van de verwerkingsverantwoordelijke.

In een accountantskantoor zullen die rollen vaak naast elkaar bestaan. Voor de eigen kantoororganisatie (personeelsbeheer, factu­ratie, marketing, intern IT-beheer) treedt u in de regel op als verwerkingsverantwoordelijke. In het kader van cliëntendossiers kan u – afhankelijk van de concrete opdracht en de mate waarin de cliënt instructies geeft – soms handelen als verwerker, en in andere gevallen (mede) als verwerkingsverantwoordelijke.

Belangrijk is dat deze kwalificatie niet enkel ‘contractueel’ is: wanneer een partij die als ver­werker wordt aangeduid in werkelijkheid zelf doeleinden en middelen bepaalt, wordt zij voor die verwerking als verwerkingsverantwoorde­lijke beschouwd. Dit is vooral relevant bij soft­wareleveranciers die (naast het leveren van de dienst) gegevens of metadata ook voor eigen doeleinden willen gebruiken.

Software als dataketen

Vanuit dat perspectief is het nuttig om uw soft­warelandschap te benaderen als een dataketen. Klantgegevens lopen door boekhoud-en aangiftesoftware, documentmanagementsystemen, klantenportaal, cloudopslag, e-signing, back-up enzovoort. Zodra een leverancier in die keten persoonsgegevens verwerkt namens uw kantoor (of namens uw cliënt binnen de grenzen van uw opdracht), moet die relatie juridisch en praktisch correct zijn ingericht. Artikel 28 GDPR vereist dat ver­werking door een verwerker wordt geregeld via een overeenkomst (of andere rechtshandeling) waarin minstens het onderwerp, de duur, de aard en het doel van de verwerking, het type persoonsgegevens en de categorieën van betrokkenen worden vastgelegd. In die overeenkomst moeten bovendien kernwaarborgen terugkomen, zoals verwerking enkel op gedocumenteerde instructies, ver­trouwelijkheid, passende beveiliging, bijstand bij incidenten en – bij het einde van de dienst­verlening – teruggave of wissing van gege­vens (behoudens wettelijke bewaarplichten).

Ook intern moet u uw verwerkingen kunnen inventariseren en onderbouwen. Daarom ver­plicht de GDPR tot het bijhouden van een register van verwerkingsactiviteiten. In de praktijk betekent dit dat u als verwerkingsver­antwoordelijke in het register minstens de vol­gende zaken opneemt:

  • de verwerkingsdoeleinden
  • de categorieën van persoonsgegevens (en betrokkenen)
  • de categorieën van ontvangers
  • eventuele doorgiften (bijvoorbeeld naar derde landen of internationale organisaties)
  • waar mogelijk de bewaartermijnen
  • en een algemene beschrijving van de tech­nische en organisatorische beveiligings­maatregelen.

Treedt u op als verwerker, dan houdt u een register bij van de categorieën van verwerkin­gen die u ten behoeve van verwerkingsverant­woordelijken uitvoert.

Peppol en efacturatie

Sinds 1 januari 2026 is gestructureerde elek­tronische facturatie via het Peppol-netwerk verplicht voor btw-plichtige ondernemingen in België. Voor accountants vraagt dit extra waak­zaamheid. Door het beroepsgeheim moet u vermijden dat een factuur (via omschrijvingen of dossierbenamingen) vertrouwelijke informa­tie over de cliënt of het dossier prijsgeeft.

De meest aangewezen aanpak is daarom om de factuurinhoud te beperken volgens het prin­cipe van dataminimalisatie. Vermeld op de (Peppol-)factuur zo weinig mogelijk gevoelige details. De factuur moet gestructureerd wor­den uitgewisseld, maar een gedetailleerde ereloonstaat of uitgebreide prestatiedetails kan u – indien nodig – afzonderlijk aan de cliënt bezorgen via een vertrouwelijk kanaal (bijvoorbeeld via een portaal of een beveiligde link), buiten het efacturatiekanaal om.

Fate loves determination

Het gebruik van e-mail

E-mail is in de meeste kantoren nog steeds het standaardkanaal voor communicatie, maar tegelijk één van de meest frequente bronnen van privacy-incidenten. Een persoonsgegevensinbreuk beperkt zich namelijk niet tot een hack: ook een onbedoelde openbaarma­king of toegang, of een verlies of wijziging van persoonsgegevens kan daaronder vallen. Een verkeerd geadresseerde mail, een CC/BCC-fout of een bijlage die ongewild wordt doorgestuurd, kan dus perfect als gegevensinbreuk worden aangemerkt.

Wanneer u toch documenten via e-mail moet verzenden, is het cruciaal dat u kunt aantonen dat u passende beveiligingsmaatregelen toe­past. De GDPR verplicht passende technische en organisatorische maatregelen en noemt daarbij onder meer versleuteling (waar pas­send), maatregelen om beschikbaarheid en her­stel te waarborgen, en het periodiek toetsen van de doeltreffendheid van die maatregelen.

In de praktijk is een combinatie van MFA op mailboxen met versleutelde bijlagen of bevei­ligde links met vervaldatum vaak een verde­digbare minimumnorm, zeker bij gevoelige stukken zoals loonfiches, identiteitsdocumen­ten of fiscale detailgegevens.

Data van klanten

Zodra klantgegevens binnen het kantoor circu­leren, staat vertrouwelijkheid centraal. De GDPR vereist dat persoonsgegevens ‘op pas­sende wijze’ worden beveiligd, zodat zij beschermd zijn tegen ongeoorloofde of onrechtmatige verwerking, met inbegrip van ongeoorloofde toegang of verstrekking. Een model waarbij ‘iedereen alles ziet’ is daarom in de regel moeilijk te verantwoorden, zeker wan­neer dossiers gevoelige informatie bevatten.

Daar komt in België voor accountants een expliciete beroepsrechtelijke verplichting bovenop. De Wet van 17 maart 2019 betref­fende de beroepen van accountant en belas­tingadviseur legt een geheimhoudingsplicht op voor gegevens die u (uitdrukkelijk of stil­zwijgend) in de uitoefening van uw beroep zijn toevertrouwd en voor vertrouwelijke feiten die u in die uitoefening vaststelt. Bovendien moet u, wanneer u vertrouwelijke informatie deelt met personeelsleden, stagiairs of andere beroepsbeoefenaars, erop toezien dat zij het vertrouwelijk karakter daarvan eerbiedigen. Toegangsbeheer, onboarding en offboarding, en een cultuur van discretie zijn dus geen loutere compliance-maatregelen, maar essen­tiële pijlers van zorgvuldig en professioneel handelen.

Een belangrijke vraag is wat er moet gebeuren met de data van een cliënt die overstapt naar een andere dienstverlener. De basisregel bij een klantenwissel is duidelijk en dwingend.

Zodra de cliënt erom verzoekt, moet de beroepsbeoefenaar alle boeken, documenten en elektronische of andere gegevens die toe­behoren aan de cliënt onverwijld teruggeven. Die verplichting is verankerd in zowel de wet­telijke regeling voor accountants en belas­tingadviseurs als in de toepasselijke deontologische regels. In een volgend artikel gaan we dieper in op wat deze verplichting in de praktijk precies met zich meebrengt.

Close-up of a mobile phone in the hands of a woman in a striped jacket and white top on the street, selective focus.

Wat te doen bij een datalek?

Het is essentieel om incidenten niet te beschou­wen als zeldzame uitzonderingen, maar als situaties waarop u als kantoor voorbereid bent. In de praktijk hoeft een datalek niet spectacu­lair te zijn: zoals eerder aangehaald kan een verkeerd geadresseerde e-mail, een CC/BCC-fout of een onbedoeld doorgestuurde bijlage al kwalificeren als een persoonsgegevensinbreuk.

De GDPR legt in dat geval een duidelijk kader op. De verwerkingsverantwoordelijke moet een persoonsgegevensinbreuk zonder onre­delijke vertraging en, indien mogelijk, uiterlijk binnen 72 uur nadat hij er kennis van heeft genomen melden aan de bevoegde toezicht­houdende autoriteit, de Gegevensbeschermingsautoriteit (GBA). Dit tenzij het niet waarschijnlijk is dat de inbreuk een risico inhoudt voor de rechten en vrijhe­den van natuurlijke personen. De verwerker moet de verwerkingsverantwoordelijke zonder onredelijke vertraging informeren zodra hij kennis heeft genomen van een inbreuk.

Minstens even belangrijk als de vraag ‘moeten we melden?’, is de plicht om incidenten syste­matisch te documenteren. De GDPR vereist dat de verwerkingsverantwoordelijke alle inbreu­ken documenteert, met inbegrip van de feiten, de gevolgen en de genomen corrigerende maatregelen. Een datalekregister is daarom geen formaliteit, maar een instrument om con­trole te houden en om achteraf te kunnen aan­tonen dat u adequaat hebt gehandeld.

Maak van dat register een praktisch werkdocument.

Een degelijk datalekdossier bevat doorgaans minstens:

  • een korte omschrijving van het incident (wat is er gebeurd, via welk kanaal/systeem, hoe werd het ontdekt?)
  • datum van het incident
  • wie het incident intern meldde
  • welke gegevenscategorieën mogelijk betrokken zijn (en hoe gevoelig die zijn) en hoeveel betrokkenen (aantal of realistische schatting)
  • een voorlopige risico-inschatting (waarom wel/geen risico voor rechten en vrijheden)
  • de beslissing over melding aan de GBA, met een beknopte motivering: wel melden: waarom het (waarschijnlijk) een risico inhoudt
  • niet melden: waarom het geen (of niet waarschijnlijk) risico inhoudt
  • de genomen beperkende en corrigerende maatregelen (bv. link ingetrokken, account geblokkeerd, wachtwoorden gereset, extra MFA afgedwongen, verkeerde afzender gevraagd e-mail te verwijderen)
  • de afsluiting van het incident en eventuele preventieve verbeteracties.

Dit alles sluit aan bij de rode draad van de GDPR: de verantwoordingsplicht. Naleving is niet alleen ‘juist handelen’, maar ook kunnen aantonen dat u passende maatregelen heeft genomen en incidenten beheerst. Een incident proberen te verbergen is daarom zelden ver­standig: niet alleen kan het risico escaleren (verdere verspreiding, extra betrokkenen), het ondergraaft ook uw verdedigbaarheid wan­neer een incident later toch aan het licht komt.

In dat licht is een datalekregister dat volledig leeg blijft, bij een eventuele controle vaak min­der geloofwaardig dan een register waarin kleinere incidenten correct zijn opgenomen, geëvalueerd en afgesloten. Het gaat om aan­tonen dat u incidenten detecteert, registreert, beoordeelt en corrigeert.

Conclusie

GDPR in een accountantskantoor gaat in essentie niet over ‘extra administratie’, maar over het professioneel organiseren van ver­trouwelijkheid in een digitale omgeving. Wie zijn rol (verwerkingsverantwoordelijke of ver­werker) correct afbakent, zijn softwareketen contractueel en technisch op orde zet, e-mail bewust herleidt tot communicatie en gevoelige documentstromen via beveiligde kanalen laat verlopen, maakt de verwerking van klantgegevens tegelijk veiliger én beter verdedig­baar onder de GDPR-beginselen én de beroepsrechtelijke vertrouwelijkheid.

Wanneer zich toch een incident voordoet, maakt een duidelijke procedure en een zorg­vuldig bijgehouden datalekregister het ver­schil: niet omdat een kantoor geen fouten mag maken, maar omdat de verantwoordingsplicht vereist dat u kan aantonen dat u incidenten detecteert, beoordeelt, corrigeert en structu­reel bijstuurt.

Met die basis versterkt u niet alleen de bescher­ming van persoonsgegevens, maar ook de continuïteit, kwaliteit en reputatie van uw kantoorpraktijk.

OVER DE AUTEURS

Joost Peeters is medeoprichter en partner bij Studio Legale. Hij bekwaamde zich in het verzekeringsrecht, ondernemings-recht, huur, handelshuur, contractenrecht en verkeersrecht. Hij is eveneens bewindvoerder en curator en begeleidt vennootschappen in moeilijkheden.

Yannick Lauwers is advocaat bij Studio Legale, waar hij zich toelegt op onder meer vennootschapsrecht, ondernemingsrecht en GDPR. Hij behaalde het certificaat Data Protection Officer aan het Data Protection Institute en is intussen al enkele jaren actief als DPO. Vanuit die expertise volgt en begeleidt hij privacy- en gegevensbeschermingsvraagstukken in de praktijk

HET ITAA, TOT UW DIENST

Het ITAA staat tot uw dienst. Wij ontleden dagelijks de actualiteit om die voor u verstaanbaar en begrijpelijk te maken. Aarzel niet om contact op te nemen met ons communicatieteam.

Gerelateerde artikelen

Naast de jaarafsluiting en fiscale aangiftes is er nog een verplichting die op weinig enthousiasme kan rekenen bij ondernemers: de jaarlijkse bevestiging van het UBO-register. Voor accountants ligt hier echter...
De 6de Europese antiwitwasrichtlijn (6AMLD) is geen louter technische update – ze hertekent fundamenteel hoe antiwitwasnaleving wordt georganiseerd, gecontroleerd en gesanctioneerd. Voor accountants en belastingadviseurs betekent dit: hogere verwachtingen op...
De hervorming van de btwketting beoogt een efficiënter en transparanter btw-kader, met verbeterde procedures voor aangifte, betaling en teruggaaf. De implementatie verloopt in fases om zowel de belastingplichtigen, de beroepsbeoefenaars...
Van minimumvereisten naar duurzaam kwaliteitsleiderschap: een stap vooruit voor kwaliteit, professionaliteit en vertrouwen Deel 3: praktische implementatie – een proportionele en norm-conforme aanpak De invoering van het intern kwaliteitsmanagementsysteem (IKM-systeem)...
Hét fiscale topic van de afgelopen maanden is de geplande invoering van de ‘meerwaardebelasting op financiële activa’ in de personenbelasting vanaf 1 januari 2026. Dat deze maatregel veel aandacht krijgt...
Een algemene vergadering verenigt de aandeelhouders om formele besluiten te nemen binnen haar specifieke bevoegdheden. Deze bevoegdheden komen haar toe op grond van limitatieve, dwingende bepalingen in het Wetboek van...
Sinds 1 januari 2026 is e-facturatie voor transacties tussen bedrijven onderling verplicht in België. Met meer dan één miljoen ondernemingen die reeds een Peppol-ID hebben, behoort de adoptiegraad van Peppol...
Ondernemersfalen wordt vandaag niet langer louter als een tekortkoming beschouwd, maar meer en meer, gelukkig maar, als een onderdeel van economische dynamiek. In het Belgische vennootschapsrecht (WVV) bestaat een gelaagd...
In de programmawet van juli 2025 kondigde de fiscale wetgever een wetswijziging aan die vooral sleutelt aan de autofiscaliteit in de personenbelasting. Op de vennootschapsbelasting is de impact veel minder...
Van minimumvereisten naar duurzaam kwaliteitsleiderschap: een stap vooruit voor kwaliteit, professionaliteit en vertrouwen   Deel 2: de 11 Algemene Kwaliteitsvereisten De invoering van de Norm Intern Kwaliteitsmanagement (IKM) vormt een...